vrijdag 6 april 2012

Commentaar op kamerbrief over kwaliteitsbeleid voor de brede zorg voor de jeugd



Drs. N.J.M.Mul, arts

- openbaar- AAN:

De staatssecretaris van VWS
De weledelgeleerde vrouwe,
drS. M.L.L.E. Veldhuijzen van Zanten-Hyllner

Betreft: Uw schrijven d.d. 2-4-2012

In zake: Kwaliteitsbeleid voor brede zorg voor jeugd

Roermond 4 april 2012

Weledelgeleerde vrouwe,

Als ouder- ondersteuner in jeugdzorgzaken volg ik uiteraard alles wat op dit gebied gepubliceerd wordt en zeker zaken met betrekking tot verbetering van kwaliteit.
Hierbij wil ik opmerken dat ik in de jaren 1999-2004 zeer nauw betrokken was als deelnemer aan de 'werkgroep familierecht' en later als bestuurslid van de landelijke SCJF te Utrecht. Vanuit die laatste is er ook commentaar geleverd op de toen tot stand gekomen 'Wet op de Jeugdzorg'. De kritiek, onder andere door mij geleverd, bestond onder andere uit de opmerkingen dat er in de wetgeving nergens vermeld werd welke opleiding de 'medewerkers BJZ' zouden moeten hebben. Ook stond nergens wie 'de conclusies trok'. (Er stond namelijk in dat de gedragsdeskundigen zouden worden ingeschakeld om 'de conclusies te onderbouwen'. Of 'de conclusie' werd opgesteld door de koffiedame, schoonmaker of administratief medewerkster, dat deed niet ter zake! Zo ook ontbrak volledig de definitie van 'het belang van het kind'. Feit is dat juist déze kritiekpunten de afgelopen jaren in feite de boventoon vormen van de kritieken op BJZ en de jeugdzorg: ondeskundig handelen, gedragswetenschappers die uitspraken doen zonder enig onderzoek en zonder ouders gesproken te hebben en 'indicaties' die eerder zijn aan te duiden als 'een verzameling roddels, geruchten en anonieme tips' dan een gedegen onderzoek. Een en ander tegen de normen van de eigen beroepsorganisaties als NVO en NIP in en tuchtrechtelijk verwijtbaar bij RTvGz

Ook is er al vanaf 1994 de kritiek (zie het boek 'Omgangsonrecht de Nederlandse situatie' door T. Bakker / 1994) op de zittingsvertegenwoordigers van instellingen, dat deze beëdigd zouden moeten zijn, zodat deze geen onwaarheden bij de rechter kunnen voorleggen. Zelfs deze eenvoudige wens is nimmer een kamerpunt geweest.

Over uw brief:

Onderaan de eerste bladzijde van uw brief schrijft u iets heel goeds en ook iets wrangs voor ouders die met 'jeugdzorg' te maken hebben: juist door het beleid van OTS en UHP en het daarbij gevolgde beleid van structurele vervreemding van eigen ouders en familie, wordt aan kinderen verboden hun ouders LIEF te hebben en andersom… sterker nog: als het contact al beperkt is tot soms 10 minuten telefoon per week of minder, dan mogen kinderen NIET zeggen van hun ouders te houden 'GEEN EMOTIES' en als dat toch zou gebeuren, wordt de telefoon verbroken…(Er wordt meestal meegeluisterd door hetzij de jeugdzorgwerkers hetzij pleegouders).

Bij UHP is het beleid er juist eerder op gericht om kinderen UHP te houden ten bate van instellingen dan wel pleegouders en staat de 'hechting in het pleeggezin' voorop om maar de (liefdes)band met de echte ouders te verbreken. Lukt dit niet, dan moeten kinderen behandeld worden voor 'hechtingsstoornissen'…
Dat dit zeer kind beschadigend werkt is al in de wetenschap rondom 1933 aangetoond…
Het 'ouder verstotingssyndroom' wordt gewoonweg bevorderd.. Dhr. J. Zander (www.joepzander.nl) kan u hier meer over vertellen, dan wel de wetenschappelijke literatuur van Bowlby / Gardner en het proefschrift van dr. B. Goudard, waar dit als 'ernstig chronische ziekte' werd beschouwd. Deze literatuur is bij BJZ en kinderrechters kennelijk onbekend…
Dit brengt me verder over uw 'interventies'
In feite staat er in uw brief dat van de 318 interventies er slecht 3 effectief bleken en dus 315 weggegooid geld zijn….

Mij verbaast het dat u nog meer onderzoek wil gaan doen en daarbij vergeet wat er al gedaan is. Ik noem: het rapport Junger-Tas van de WRR uit 1983, waaruit bleek dat het handelen van kinderbeschermingsmaatregelen gewoonweg volstrekt willekeurig gebeurt.
Ook 'vergeet' u het rapport van Prof. N.W. Slot uit 2002 '909 zorgen', waaruit bleek dat slechts een 28 % van de jongeren enige baat had bij 'jeugdzorg' en een groter percentage slechter af was… de rest neutraal géén effect dus…

Eveneens vergeten: de opvattingen van emeritus hoogleraar prof. J. van Aken, die stelt: 'opdoeken BJZ'.
De kritiek over de ondeskundigheid van BJZ m.b.t. hechtingsstoornissen bij geadopteerden, vaak door prof. Hoksbergen (hoogleraar adoptieproblematiek) naar voren gebracht, wordt gewoonweg genegeerd.
U schrijft wederom uitgebreid over 'professionalisering': Dit verbaast mij, omdat hier in 1996 ook al sprake van was bij de Raad voor de Kinderbescherming en tot op heden wordt er nog steeds gewerkt met 'anonieme meldingen', hetgeen eerder doet denken aan een roddelclubje dan een professionele werkhouding.
Tot op heden zijn alle kritieken van ouders en cliëntenorganisaties over het doen van goed onderzoek door echte deskundigen genegeerd.

Over dat doen van 'onderzoek' en een vergelijking met hoe een medicus onderzoek doet schreef ik een stukje. De essentie is: een medicus onderzoekt zélf en verwijst naar een deskundiger iemand en komt tot een behandelvoorstel. Bij BJZ worden er allerlei signalen aan elkaar geplakt en is een roddel als 'moeder heeft borderline' genoeg om een kind uit huis te plaatsen. De gedragsdeskundige zegt eenvoudigweg dat moeder een gevaar is… Dit zonder enig onderzoek…En ouders kunnen zich maar met moeite verweren, want 'BJZ zegt het'.

Zo ook met de behandeling door BJZ: te vergelijken met een situatie als dat u met een gebroken voetbotje bij de dokter komt en u krijgt een onderbeenamputatie, een prothese en daarbij een revalidatietraject…. (U heeft dan in ieder geval geen last meer van dat gebroken enkelbotje! Problemen met een kleine gedragsstoornis van uw kind? Wij halen het kind wel weg….)
Ook het ideaalbeeld dat u schetst van hoe een BJZ-medewerker moet 'klikken' met kinderen en ouders komt vreemd over: juist de opstelling van 'wij weten het beter' en hulpverleningsplannen die gewoonweg kant noch wal raken en ouders die beschuldigd worden op grond van roddel, achterklap en anonieme meldingen, gezinsvoogden die rustig durven te beweren dat een kind uit huis moet wegens 'psychiatrische ziekte van moeder' terwijl (bij voorbeeld) 2 psychiaters verklaren dat met die moeder niets aan de hand is, geeft te denken… Heeft u uzelf wel eens afgevraagd waarom ouders vaak zo blij zijn als ze van BJZ / WSG / LdH J&R dan wel SGJ bevrijd zijn?

Ten aanzien van uw opmerkingen over de inspecties Jeugdzorg en Volksgezondheid: juist ten aanzien van alle kritieken op zowel het kinder-mishandelend handelen van jeugdzorg alsmede de overige misstanden doen die geheel NIETS als ouders klagen. Zij komen met de dooddoener: 'we doen niets voor individuele zaken'. Op mijn vraag 'hoeveel individuele gevallen wilt u hebben?' aan een inspecteur, kreeg ik geen antwoord behalve de mededeling dat men niet met mij in gesprek ging en of ik geen klachten wilde indienen bij de inspectie…. De inspectie volksgezondheid doet al geheel niets als het gaat om de medische en psychische schade die jeugdzorg aanricht. (Ouder-vervreemding / emotioneel beschadigen van kinderen/ lijfstraffen in instellingen / naakt opsluiten… het gaat gewoon door…)

Ik wil kort mijn commentaar samenvatten:

Het lijkt er op dat u in uw brief voorbij gaat aan de geschiedenis van de jeugdzorg en al het wetenschappelijk onderzoek in deze negeert. Daarbij wilt u opnieuw gaan 'onderzoeken' en dat zelfs voor lange duur….

Het zou een goede zaak zijn, gezien de veelheid van niet werkende interventies, de ronduit ontbrekende 'klik' met ouders en kinderen en de ontbrekende professionalisering, om het hele BJZ gewoonweg op te heffen, nu de transitie naar de gemeenten gaande is.
Extra instellingen om kwaliteit te onderzoeken dan wel instellingen om professionalisering te bewerkstelligen is onzinnig. Er is al genoeg bekend. HBO-ers die net van school komen zijn géén professionals: men dient als GV op zijn minst levenservaring en zelf kinderen te hebben om te ervaren hoe het is ouder te zijn!

Tuchtrechtspraak en registratie is overbodig als men de zittingvertegenwoordigers beëdigd en de gedragsdeskundigen gewoonweg aan hun wettelijke verplichting laat voldoen door registratie bij NIP / NVO of het reeds bestaande BIG voor psychologen!

In de plaats van BJZ:

1. Bij eenvoudige omgevingsgerelateerde problemen: Hulp in het kader van 'eigen kracht',  vrijwilligers zoals bij 'Home Start' gebeurt, dan wel bij 'maatjes projecten' (ex-psychatrisch   
patiënten).

2. Bij kindeigen problematiek: Goed onderzoek door reeds bestaande (ortho)pedagogen,
kinderpsychologen dan wel kinderpsychiaters die direct juiste diagnostiek en behandeling doen.
Dit doet ook recht aan art. 24 IVRK en voorkomt het rondsollen van kinderen langs
 crisisplekken enz.

Ouders de juist hulp THUIS geven, zodat kinderen thuis kunnen blijven wonen.

3. Bij die gevallen waarbij écht sprake zou zijn van kindverwaarlozing dan wel echt misbruik c.q.
mishandeling van kinderen: laat daar de Raad voor de Kinderbescherming' zijn taak
waarmaken, maar dan met inzet van de echte deskundigen!

(De Raad doet nu vaak toch al het zelfde soort 'onderzoek' als dat BJZ of AMK doen, dan wel van elkaar over en weer overschrijven!)

Gaarne wil ik, indien gewenst, mijn standpunt toelichten,

Hoogachtend,

Drs. N.J.M.Mul
(Ouder-ondersteuner in Jz/Kb zaken/
ex-bestuurslid SCJF / Utrecht)

          Terug naar Alle artikelen Jeugdzorg Dark horse


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen