zaterdag 31 maart 2012

Toenemende agressie tegen medewerkers BJZ


ASSEN - Bureau Jeugdzorg in Assen krijgt steeds vaker te maken met agressie tegen medewerkers. Het bureau wil de schade die daardoor ontstaat verhalen op de plegers van het geweld.
Naast agenten en ambulancemedewerkers heeft ook Bureau Jeugdzorg te maken met de verruwing van de samenleving. De organisatie, die ingrijpt als er problemen in het gezin zijn, merkt dat medewerkers steeds vaker met agressie geconfronteerd worden.

Directeur Cees Wierda zegt dat de medewerkers opgeleid zijn om met agressie om te gaan. Soms loopt dit toch uit de hand en ontstaat er schade. "Dit heeft ook te maken met het werk dat we doen. Mensen staan niet te juichen als wij voor de deur staan. Dan ontstaat er soms boosheid en zie je verruwing", aldus de directeur van Bureau Jeugdzorg. Bij agressie tegen medewerkers wordt aangifte gedaan.

Foto:Roel Barkhof

Reactie:

De vergelijking van geweld tegen medewerkers van Bureau Jeugdzorg en geweld tegen agenten of ambulancepersoneel gaat niet op. Geweld tegen ambulancepersoneel heeft inderdaad te maken met verruwing van de samenleving en toenemende onbeschaafdheid van burgers, maar geweld tegen BJZ heeft een andere reden.
Nederland heeft het hoogste aantal uithuisplaatsingen van kinderen in Europa en ook voor onze eigen begrippen (in Nederland) het hoogste ooit. Dit repressieve (paranoide) beleid resulteert in meer agressie tegen kinderbeschermers, omdat deze steeds vaker kinderen uit huis plaatsen op volstrekt verkeerde gronden. Het is al lang niet meer een 'uiterste maatregel' als alle andere vormen van hulp in een gezin niet meer mogelijk zijn. Men gaat hier veel te gemakkelijk toe over en het is niet zonder traumatische gevolgen.

Ouders worden niet boos omdat hun kinderen onder toezicht worden gesteld of afgenomen, maar vanwege de manier waarop dit gebeurd. Het verdient in de meeste gevallen geen schoonheidsprijs! Geen burger zal het accepteren, hoeveel macht Jeugdzorg ook naar zich toetrekt, dat er op basis van leugens en insinuaties maatregelen worden genomen die schadelijk zijn voor ouders en kinderen. Dat er een lichte stijging van de agressie waar te nemen is richting jeugdzorgmedewerkers is eigenlijk nog verbazingwekkend. Men zou verwachten dat deze agressie een dramatische stijging moet laten zien, gezien de vele, vele, misstanden die iedere dag opnieuw aan de orde zijn bij het AMK, BJZ en de Raad.

De enige verklaring die we kunnen bedenken voor de lichte stijging, is dat de meeste ouders (hoe woedend ze ook zijn over het onrecht) er toch voor kiezen om hun agressie te bedwingen, in de hoop dat ze de zeggenschap over hun kinderen ooit nog terug krijgen.
Mijn voorspelling: Hoe groter de zekerheid (zie nieuw beleid) dat ouders hun kinderen nooit meer terug zien door ingrijpen van jeugdzorg (50% OTS wordt UHP), hoe meer de agressie tegen jeugdzorgmedewerkers zal stijgen. 

En andersom, hoe waarschijnlijker het wordt, dat ouders de zeggenschap over hun kinderen terug krijgen (door 'goed gedrag'- en actief terugplaatsbeleid van BJZ), hoe groter de kans dat ouders zich coöperatief zullen opstellen. Tot op heden hebben we vooral kunnen zien dat BJZ haar eigen belangen plaatst vóór de belangen van ouders en kinderen. De geldbedragen die BJZ krijgt voor iedere OTS of UHP (per kind) zijn aanzienlijk en dat schept een enorme werkgelegenheid! Jeugdzorg gaat heel ver om deze bedragen te incasseren en schuwt daarbij wetsovertreding niet. Het niet doen aan waarheidsvinding is een garantie voor onwaarheden in rapporten die leiden tot gedwongen maatregelen. Is het zo onbegrijpelijk dat ouders zich hier kwaad over maken? We praten niet over een miskoop van een ondeugdelijke wasmachine, maar over het verlies van je bloedeigen kinderen!

In feite worden de jeugdzorgmedewerkers het slachtoffer van de beleidsmakers (die op hun beurt weer verkeerd worden voorgelicht door de BJZ-top) die hen opzadelen met regelgeving die een eerlijke en deskundige manier van werken onmogelijk maakt. Artikel 35 alternatief stellen, zodat de gedragswetenschapper van BJZ niet meer zelf naar het kind hoeft te kijken? Enkel zijn handtekening lenen aan de sociaal werk-opgeleide onderzoekster / gezinsvoogd die een 'diagnostisch beeld' schetst? Feitelijk heet dit kwakzalverij en handelen tegen je eigen beroepscode. Ja, BJZ-medewerkers! Jullie eigen overheid laat jullie werken als een stelletje charlatans, en het 'volk' treedt jullie als zodanig tegemoet...

Sven Snijer


Update: 31 december 2016



Jeugdbeschermingsorganisaties maken zich ongerust over de toenemende agressie en geweld van ‘agressieve’ ouders. Stank voor dank, terwijl zij die ouders juist willen helpen. Zo kun je het inderdaad bekijken. Maar aan elk verhaal zit een andere kant.

Organisaties als Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming voelen de noodzaak om een beroep te doen op speciale teams die maatregelen treffen om agressieve ouders rustig te krijgen, meldt de NOS. Medewerkers worden ‘steeds meer gepest of gestalkt op internet’, aldus Sigrid van de Poel, bestuurder van Jeugdbescherming Amsterdam.

De twee onderstaande Jeugdzorgmedewerksters (meestal zijn het vrouwen) kunnen er trouwens ook wat van op internet. Zo praatte ‘adviseur Jeugdrecht’ Nadine Nachtegaal, zoals ze zichzelf noemde voordat ze de onderstaande post en haar hele Facebookprofiel verwijderde, eerder vandaag nog over ouders: als ‘imbecielen’. Dit is dus het niveau van sommige hulpverleners in wiens ouders het lot van zichzelf en hun kinderen moeten leggen.

Jeugdzorgprofessionals Nadine Nachtegaal en Lisanne Westhoff reageerden hier op een aankondiging van de Jeugdzorgdag die CNV Zorg&Welzijn op 13 februari 2017 in de Utrechtse Jaarbeurs organiseert. Onderwerp: de hoge werkdruk bij Jeugdzorg door ‘politieke beslissingen.’

Als we kijken naar het lijstje van de agressieve ouders die volgens hulpverleningsorganisaties dreigen, zien we ‘daders’ met zware psychische problemen, er is sprake van huiselijk geweld of ze hebben een criminele achtergrond. Interessant is nummer 3: ouders die verwikkeld zijn in een vechtscheiding.

In Nederland staan 21.000 kinderen onder toezicht van jeugdbeschermingsinstanties. Geen land ter wereld kent zoveel uithuisplaatsingen, ondertoezichtstellingen en plaatsing in pleeggezinnen als Nederland.

Zijn Nederlandse ouders zo ongeschikt om vader of moeder te zijn? Natuurlijk niet. Bureaus voor Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming krijgen geld voor elke OTS en uithuisplaatsing. Die ‘perverse financiële prikkels’, zoals de overheid zelf in dit recente rapport over het enorme probleem rond vechtscheidingen en ouderverstoting constateerde, liggen nogal eens aan de wortels van escalaties tussen jeugdbeschermingsorganisaties en ‘agressieve ouders’.

Jaarlijks worden in Nederland tienduizenden vaders en moeders die voor de scheiding normale, liefdevolle ouders waren, gecriminaliseerd door wraakzuchtige exen die met hulp van deze organisaties en rechters die recht zouden moeten spreken.

Nummertje 3 op de lijst van ‘agressieve ouders’ kan worden weggestreept zodra deze ‘hulpverleningsinstanties’ de hand in eigen boezem steken en hun eigen structurele falen onder ogen zien. Hier nog even een filmpje waar ook ik als ouder verschrikkelijk agressief van zou worden. Een uithuisplaatsing in de praktijk: 
 
http://jeugdzorg-darkhorse.blogspot.nl/2012/03/hartverscheurend-politie-en-jeugdzorg.html


                     
        Terug naar Alle artikelen Jeugdzorg Dark horse

donderdag 29 maart 2012

Bezuinigen op Jeugdzorg

Bezuinigen lijkt moeilijk. Er is echter één punt waar fors bezuinigd kan worden, zodat ook de verminderende gevolgschades kosten zullen besparen.

Dacht U dat de indicatieve Bureaus Jeugdzorg (BJZ) voor zorg ‘zorg’dragen? Helaas, de sociaal werksters in BJZ die vaak gedwongen zorg bevelen (OTS en uithuisplaatsingen), doen dit bijna altijd zònder doorsturen naar een specialist.  

Geen diagnostiek

Diagnostiek wordt veelal vermeden in de bemoeienis van BJZ. Wetenschap vat samen: BJZ matcht de kennis niet bij de case. We hebben al enige Kamerleden geïnformeerd met wetenschappelijke onderbouwing.

De gevolgen van de overdaad aan ongefundeerde (niet-diagnostisch onderbouwde) uithuisplaatsingen leidt tot schade aan betreffende kinderen, al heten dezen ‘veilig’ te zijn, ver van hun ouders; gewone ouders met een onwaarachtige beschuldiging boven hun hoofd..... Omdat de sociaal werkers bij BJZ, ‘professionals’ genoemd, gedragsstoornissen niet kunnen onderscheiden en niet doorsturen naar een deskundige.

Niemand in BJZ die de cliënt ‘onderzoekt’ heeft een universitaire opleiding, en met een SPH-opleiding redt men het niet.
Er wordt in BJZ veel geknoeid met bewijs of beweringen naar de rechter, die geen psychiater is en er zo intrapt. De BJZ-zittingsvertegenwoordiger of gezinsvoogd is NIET beëdigd tijdens de rechtszitting, en kent geen tucht-waardige regels voor beroepsethiek en tucht-weging, die er niet is.

Achter gesloten deuren

De familiezittingen vinden achter gesloten deuren plaats: geen controlemechanisme. De Inspectie jeugdzorg doet enkel grof meta-analyse: geen controlemechanisme. Klachtrecht is gevaarlijk voor de kind-ouder-contacten, het kind wordt met minder omgang bestraft; BJZ reageert daarnaast defensief op klachten; er gebeurt niets effectief na een gegrond-verklaarde klacht: ook dit is geen kwaliteits-controlemechanisme.

Gevolgen voor het kind

De gevolgen voor het kind zijn groot en schadelijk. LC, PAS, depressie, minderwaardigheidsgevoelens, wereldbeeldfouten in het denken, e.d. naast de schijnaanpassingen in de pleegsituaties. Het vervreemden van hun ouders werkt bijna nooit goed. Dat is de ‘zorg’ die BJZ zelf in de huidige praktijk levert.
  
Op BJZ kan minimaal de helft bezuinigd worden !!!

Een gang naar een jeugdpsycholoog of -psychiater kan veel goedkoper zijn dan ca. 10.000 kinderen per jaar de ‘anti-zorg van BJZ’ aandoen.
Die gang naar een deskundige (zoals volwassenen ook liever doen: voor operatie naar chirurg) maakt de hulp effectiever, sneller, korter, goedkoper.
Ook de gevolgschades door OTS en UHP door BJZ (en RvdK) bij de andere gezinsleden zullen bij juiste en deskundige hulpverlening verminderen: kosten aan werkverzuim, echtscheidingen, criminaliteitsschade, politie, reclassering, RIAGG-kosten aan geëpateerde betrokkenen, etc. .

Kosten AWBZ

Op BJZ kan dus fors bezuinigd worden, met instemming van ouders.
Het gewone alternatief: - via huisarts naar deskundige - is uiteindelijk goedkoper in directe zin èn in gevolgschade-zin. (Hier hoeft geen wet veranderd te worden: gang naar huisarts bestaat: raad dat aan!). Een door BJZ getraumatiseerd kind (door BJZ-onkunde) zal later veel kosten (AWBZ)!
Kinderen die vanuit Thuis naar school gaan, doen het beter; onze toekomst!
De echte multi-probleem-gezinnen kunnen middels diagnostiek en begeleiding (en leuke opvoedcursussen) tussen de gewone ouders uitgehaald worden.


                    
      Terug naar Alle artikelen Jeugdzorg Dark horse


Pas op voor schoolartsen en 'vertrouwensartsen'



De Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst - de WGBO (Art. 7:456 Burg. Wetboek) – wordt van kracht op het moment dat u de hulp van een arts inroept. Waar vroeger de arts bepaalde wat er met de patiënt gebeurde, bent u nu volledig de baas over uw eigen behandeling. Niets gebeurt zonder uw toestemming.

En als u ook maar de geringste twijfel over uw specialist of huisarts heeft, stelt de WGBO u in staat om te checken of u de beste behandeling ontvangt, daar waar u wettelijk recht op heeft.

Pas op voor de schoolarts en ‘vertrouwensarts’

Pas op voor de schoolarts en de ‘vertrouwensarts!’
Dat het echt nodig is om de WGBO bij de hand te hebben, bleek uit een schokkende reportage van Nova op 15 febr 2005. 


Vijfhonderd kankerpatiënten sterven per jaar onnodig in streekziekenhuizen, omdat ze door hun artsen willens en wetens worden weggehouden van de beste medicijnen. Oorzaak: te kleine budgetten. Diezelfde artsen weten echter maar al te goed dat die patiënt beter af is in een academisch ziekenhuis, waar die medicijnen wel aanwezig zijn. Maar ze weigeren de patiënt dit te vertellen.

Als op deze manier de patiënt opzettelijk in het donker wordt gehouden en niet ingelicht wordt over die betere behandelmethode, wordt in Nederland op grote schaal de WGBO overtreden en betekent dit een grove schending van het patiëntenrecht. Ieder weldenkend mens zou natuurlijk kiezen voor die levensreddende betere behandeling.

Een ernstige waarschuwing gaat uit naar de categorie medici die helemaal onderaan de opleidingsladder staat: de schoolartsen. Wgbo.nl opende een aantal dossiers waar het woord hulpweigering stond genoteerd, terwijl de ouders van de betreffende schoolkinderen gewoon de wettelijk vrije keus hadden gemaakt niet naar de schoolarts te gaan. 
Er werden dus medische dossiers aangemaakt over personen die nooit op consult zijn geweest! Dat is natuurlijk een grove overtreding van de WGBO.
Maar het wordt nog erger, want er is een organisatie in Nederland – Bureau Jeugdzorg genaamd – die tegen schoolartsen (GGD) aanschurken om ‘klanten’ te werven. Die weigering van de schoolarts kan je zomaar een officiële gele kaart opleveren, waardoor er op een goede dag een brief in de bus kan vallen van Bureau Jeugdzorg die volledig onschuldige burgers in een verplicht traject duwt waar ze hun vrije ‘keuzes’ moeten gaan verantwoorden. 
Zonder medeweten van ouders

Een andere manier voor ‘slimme en snelle casuïstiek’, zoals ze het zelf noemen, zijn zogenaamde stemmingsmeters op de middelbare scholen. Bureau Jeugdzorg legt tieners van 14 jaar zonder medeweten van hun ouders op school een vragenlijst voor over hun ‘stemmingen’. Als ze het foute antwoord geven, worden ze bij de kraag gegrepen.Haat je jezelf?
Walg je van jezelf?
Vind je jezelf een mislukkeling?
Hebben je ouders, broers of zussen ernstige moeilijkheden op het werk?
Zijn je ouders, broers of zussen ontslagen?
Heb je een verkering gehad die is uitgegaan?
Hoe vind je dat je woont?
Hoe vind je je financiële situatie?
Denk je er wel eens aan om een einde te maken aan je leven?
(GGD/Bureau Jeugdzorg 2007)

Geheimzinnige 'vertrouwensartsen' gaan aan de slag met deze oneigenlijk verkregen dossiers van nietsvermoedende kinderen, die met voorgedrukte antwoorden de vreselijkste woorden in de mond worden gelegd, woorden die vervolgens gebruikt worden om geheel naar eigen goeddunken vermoedens van ‘opvoedingsproblemen’ te formuleren, die deze artsen totaal onbeargumenteerd in een gesloten dossier kunnen stoppen en op basis daarvan harde actie mogen ondernemen.De hoge Raad der Nederlanden concludeerde dat deze organisatie in de schemerzone werkt. De rechters vinden dat de vertrouwensartsen hun titel misbruiken, omdat er absoluut geen sprake is van een geneeskundige behandelingsovereenkomst. 
Vertrouwensarts

De vertrouwensarts is de enige arts ter wereld die geen patiënten maar klanten heeft, simpelweg omdat het hem verboden is de term patiënt te gebruiken. Er bestaat feitelijk dus geen behandelrelatie, en mocht u daarom ooit ongevraagd een ‘uitnodiging’ hebben ontvangen van Bureau Jeugdzorg, gaat u daar nooit op in en stuurt u die brief onmiddellijk naar info@wgbo.nl!

Wij tonen aan de hand van criminele dossiers, de onvervalste Gestapo-technieken aan die Bureau Jeugdzorg hanteert, hét centrale punt in de Jeugdzorg. Een juristenapparaat werft hier de klanten en laat ze vervolgens nooit meer los. 


Binnen een mum van tijd staat deze hulporganisatie als ‘tegenpartij’ in de rechtszaal recht tegenover hun eigen cliënt, meestal is dat moeder en kind zo blijkt uit de dossiers die wij toegestuurd kregen. In dit traject regeert de kinderrechter met in de hand het Wetboek van Opvoeding, waar de wetsartikels volledig willekeurig naar eigen goeddunken worden ingevuld.

In de Nederlandse rechtspraak zijn de kinderrechters geen rechter maar een partij aan de kant van de Jeugdzorg In dit memo is duidelijk te zien dat de bureau Jeugdzorgadvocaat Hein Engels, de juristen van de Raad (justitie) en kinderrechter Dahmen in Maastricht letterlijk samen aan dezelfde tafel zitten om beleid te bepalen.

De leidraad voor dat beleid is een ‘vermoeden van ontwikkelingsdreiging’. Vermoeden is natuurlijk helemaal niets, dreiging is ook nog steeds niets, maar de mathematische logica in dit land is kennelijk toch: min + min = plus. Pro forma worden kinderzaken afgetimmerd. ‘Beste uitgangspunt is als ouders niet meewerken’, zo luidt de opmerkelijke zin in het bovenstaande memo. 
In zo’n geval wordt een kind afgevoerd naar een ‘onbekende’ lokatie. Pas ná het afgeven van een beschikking UHP (uithuisplaatsing) gaan rechters ‘onderzoek’ doen . Binnen én buiten kantoortijd ‘bezoeken’ de kinderrechters kinderen die op ‘geheime’ locaties zijn geplaatst binnen ‘het netwerk’…

Dit is een kleine samenvatting van de opvoeddelicten uit het Wetboek van Opvoeding die WGBO.nl verzamelde en waarna kinderen met brute kracht werden weggerukt van hun ouders: keuken niet opgeruimd, haren niet gekamd, kind wordt teveel verwend, kind kan geen groente benoemen, teveel computerspelletjes in huis, kind is teveel bij opa en oma waardoor het systeem te groot wordt, kind drinkt uit plastic bekertjes, ouders hebben kritiek op instanties, luier lijkt wat vol….. 
In één uitzending werd in Premtime het bewijs van intimidatie, valsheid in geschrifte, bedreiging, ontvoering en zware kindermishandeling op tafel gelegd door Bureau Jeudgzorg en de daaraan gelieerde William Schrikker Stichting.Hier kon even heel Nederland meekijken hoe een volledig onschuldige vrouw en haar nichtje de pan in werden gehakt door de overheid. De advocaat had durf en slingerde deze zaak in hoger beroep de reguliere rechtspraak in. De drie rechters van het Gerechtshof doorzagen de ‘bewijsvoering’, die op identieke wijze werd vergaard als de Gestapo deed in de Tweede Wereldoorlog, en loodste haar veilig terug naar haar tante.

Vorig jaar stelde Bureau Jeugdzorg in het programma ‘Kijk op de Kleintjes’ in de Nijmeegse wijk Dukenburg 50 tot 100 allochtoonse niet-leerplichtige kinderen jonger dan vier jaar onder toezicht (OTS) van het Ministerie van Justitie. Oorzaak”: ‘niet goed articuleren’ of ‘ruiken niet fris’. Als de ouders ‘niet meewerken’ lopen ze een reële kans dat Justitie de kinderen afpakt…met politiedwang en laat heropvoeden onder ‘dwang en drang’ door christelijke instellingen als het Leger des Heils.

Het WGBO Team 
Echt penibel kan de situatie in het ziekenhuis worden als u buiten bewustzijn bent, als gevolg van een ongeval of een operatie. Dan bent u namelijk niet meer in staat uw zelfbeschikkingsrecht uit te oefenen en ligt uw lot volledig in handen van de arts. En die kan in principe zonder enige toestemming van wie dan ook met u doen wat hem goeddunkt.

De meeste artsen hebben het allerbeste met u voor, ook de onervaren of onbekwame artsen, maar juist deze categorie medici is natuurlijk levensgevaarlijk als ze over uw leven moeten gaan beslissen. Begin juni van dit jaar in het programma Netwerk bevestigde de nieuwe Inspecteur dat in Nederland een aanzienlijk aantal ‘disfunctionerende specialisten’ rondloopt, die een groot gevaar voor u kunnen vormen.

De machtiging 
Gelukkig garandeert de WGBO dat u te allen tijde de regie kunt blijven houden in de gezondheidszorg, zelfs als u bewusteloos raakt door een hartinfarct, een verkeersongeluk of een operatie.

U hoeft maar een machtiging te ondertekenen (print hier) waarmee u uw naaste familie of andere door u aangewezen personen altijd het recht tot inzage in uw medisch dossier geeft, zodat zij de artsenbeslissingen nauwlettend kunnen volgen en in kritieke situaties met het dossier onder de arm snel een second opinion kunnen vragen.

U kunt de voorbeeldmachtiging gebruiken maar u kunt natuurlijk altijd zelf een machtiging maken. Een kopie van uw machtiging kunt u nu al aan uw specialist geven, zodat hij die in het dossier kan stoppen.
Hij mag dit verzoek niet weigeren.

Uw arts zal u willen vertellen dat zo’n machtiging niet nodig is omdat hij ‘alles onder controle heeft’. Maar als hij samen met zijn collega’s om vijf uur en in het weekend naar huis gaat - in tegenstelling tot Duitsland en de VS, waar de dienstdoende specialist in het ziekenhuis slaapt - is de artsenparkeerplaats leeg en het ziekenhuis praktisch uitgestorven, op wat verpleegkundigen en arts-assistenten na.

En als de dienstdoende specialist thuis op één oor ligt, kunt u ’s nachts bijna letterlijk de vinger aan de pols houden van uw vader, moeder of kind en steeds (telefonisch) de status in de verpleegkundige rapportages bijhouden, immers, u heeft te allen tijde recht op informatie uit de medische documenten.

De overheid heeft u op deze manier met de WGBO de macht gegeven om de arts en verpleegkundigen te controleren. En het werkt! Dat blijkt uit de reacties die WGBO.nl de afgelopen tijd ontving
Als de medische documenten die het ziekenhuis altijd zorgvuldig binnen haar vier muren weet te houden eenmaal daarbuiten belanden, wordt ineens iedereen alert.

Het beroepsgeheim was voor de arts altijd een baken waarop hij zich kon beroepen, vooral bij zaken van medisch falen, waarbij iemand overleed. Maar dat is voorbij. Het beroepsgeheim is een WGBO-wet die natuurlijk bedoeld is om de patiënt te beschermen!

Door middel van de machtiging draait u de verhouding helemaal om en bent u of uw familie degene die bepaalt wat er met de documenten gebeurt en aan wie u ze wilt laten zien.

Te allen tijde, zelfs na uw overlijden, zodat uw familie achteraf nog kan controleren of er al dan niet sprake was van medisch falen.

Voor nog veel meer; Google.. http://www.wgbo.nl/ 

2009

http://www.vertrouwensartsen.nl/vertrouwensarts.asp?tekst=beroepsprofiel


                  
           Terug naar Alle artikelen Jeugdzorg Dark horse


woensdag 28 maart 2012

Falend Jeugdzorgbeleid

Bezuinigen kan op het falende instituut Stichtingen Bureau jeugdzorg (BJZ).

BJZ verschuilt zich achter mooi-praat en dat het ‘incidenten’ zijn die in de publiciteit komen, en dat anderen vanwege de privacy niet zouden kunnen wegen.
Wel, cliëntondersteuners, soms van ouderorganisaties, zoals LOGA, De Knoop, LAVA, OverSchatten, Balans, enz. enz., zien en bestuderen de dossiers wel, spreken met de cliënt-ouders en zien waar de schoen bij BJZ knelt. Ook advocaten met medische kennis. Ook raadsheren zoals Van Teeffelen, al zijn rechters geen artsen.

Te vaak gebruikt de medewerker van BJZ (als het om indiceren gaat of gezinsvoogdij-casemanagement) geen diagnostische feiten (voor onderkenning van problematiek) doch suggesties, roddel, informatie van ondeskundigen, dat dan nog nadelig verdraaid wordt. {Het zijn geen universitair opgeleide personen, vaak nog zònder kinderen en pedagogische kennis, die hun scholingsdoel volgen met suggereren.}

Insinuaties

Het BJZ-werk lijkt op door middel van insinuaties de rechters (en RvdKinderbescherming) overhalen om tot een OTS of een UHP te komen.

1)  Die trajecten zijn DUUR.

Het kind voelt zich biologisch het veiligst thuis (waar BJZ beweert dat het veilig ìs in een onbekende pleegzorgsituatie).  Jeugdpsychiaters schrijven dat het uithuisgeplaatst-zijn schadelijk is voor een kind.   Het met politie uithuisplaatsen, weg van zijn vertrouwde huis en personen, geeft ook een trauma.   Wetenschappers schrijven in hun rapport dat de reguliere jeugdzorg de kennis niet bij de case matcht, en er eigenlijk doelgroep-deskundige ingangen moeten komen.

2)  Thuis de juiste -op diagnose gebaseerde- hulp geven is sneller oplossend en goedkoper. Het geeft tevens minder gevolgschade in het verdere leven (dat ook rust op de AWBZ).

Er ligt dus een enorme mogelijkheid om direct op de gewone gevallen bij BJZ te bezuinigen. Daar waar strafrechtelijk een ouder wat misdeed, kan de ouder uithuisgeplaatst worden, wat ook minder schadelijk is voor een kind of opgroeiende.
Er zijn dus betere alternatieven voor OTS en UHP.  Er zijn deskundigere specialisten die gedragsproblematiek wel op waarde kunnen herkennen en het traject daarop weten.
Er kan dus op BJZ bezuinigd worden.

Tuchtrecht

Zonder valide maatstaven heeft tuchtrecht geen zin, of er worden standaard handen boven het hoofd van gezinsvoogden gehouden. Welke maatstaven, zijn na een decennium of  2 nog niet duidelijk geworden [na Junger Tas, 1983]. Het zijn in BJZ sociaal werkers zonder medische achtergrond op niveau! De BJZ-gedragswetenschapper ziet de cliënt niet en kan zo bij inbreng tegen zijn beroepsethiek ingaan; UvbWjz art. 35 is als alternatief gesteld.

In het geval van misbruik van positie, door de gezinsvoogd kunnen ze met het tuchtrecht aangepakt worden, en uit hun functie ontzet zo stelt de politiek

We kènnen hoe zij zich verschuilen achter beweringen, privacy, en ondeskundig valse rechterlijke uitspraken. Bij klagen werden en worden veel kinderen bestraft met minder omgang, goed voor de kind-ouderband. Ouders worden gechanteerd, maken we mee. Het ‘meten’ is bijna onmogelijk zonder deskundigen.


Wet Zorg voor Jeugd

Het is te hopen dat het indicatieve deel gaat wegvallen, daar sociaal werksters, nu werkachtig bij BJZ, niet de kennis kunnen opdoen die medici in een universitaire opleiding opdoen. Het is weggegooid geld om de aan de Kamervragen van de SP gehoor te geven.
Moeten er echter nu vele kinderen PAS (syndrome) oplopen, of anderszins een justitiële vorm van kindermishandeling oplopen dankzij ‘jeugdzorg’?

De methode van BJZ is met suggesties (niet met feiten op diagnostieke basis) beweren dat de ouders de ‘bedreiging’ van de ontwikkeling zijn (naar de woorden van BW1:254, lid 1) om zo OTS en zelfs UHP (UitHuisPleuren noemen ouders het)  te verkrijgen voor hun gezinsvoogdij-tak?

Het is dan ‘de slager keurt zijn eigen vlees.

Wetenschappers hebben reeds lang vraagtekens gesteld bij de maatstaven die BJZ aanlegt om OTS en erger voor het kind te verzoeken.

Zie:

Lang niet alle ouders met OTS in zicht zijn een bedreiging. Dat kan zuiniger!

Voorkom OTS en erger

Maak de eis tot UHP ernstiger en met bewijzen door diagnostisch rapport; niet door beweringen van BJZ zelf. Laat de RvdK zelf alles degelijk naar Normen2000 onderzoeken; weg met het onderzoek van AMK-BJZ. Plaats dan de ouder uit huis ter voorkoming van gevolgschades. De gevolgschade die vermeden wordt, is op zich een bezuiniging.

      Terug naar Alle artikelen Jeugdzorg Dark horse


Is je gezinsvoogd een psychopaat?

http://pol.typepad.com/weblog/2010/10/psychopathie-bedreigt-samenleving.html

 

'Psychopathie bedreigt samenleving'  

 

10/05/2010

 

'Psychopathie is het grootste psychische probleem in de samenleving'
Wie psychopaat zegt, zegt moordenaar. Toch is dat een groot misverstand, want lang niet elke psychopaat slaat de hand aan zijn medemens. Naar schatting lijdt één op de twintig mensen aan deze psychische stoornis, en dat zijn meestal mensen die ‘gewoon’ functioneren in de maatschappij. In het boek ‘Destructieve relaties op de schop; psychopathie herkennen en hanteren’ beschrijft Jan Storms de psychopathische stoornis vanuit de vedische psychologie. Het boek wekt herkenning op, ook in de reguliere gezondheidszorg. “Psychopathie vormt één van de grootste gevaren voor de moderne samenleving”, aldus Storms, die binnenkort van start gaat met het geven van workshops aan hulpverleners.



Jan Storms is leraar in de vedische wetenschap. Dit is de wetenschappelijke en spirituele traditie uit het oude India. Een onderdeel van die wetenschap is psychologie. Daarbij staat het leren kennen van het bewustzijn centraal. Vanuit die achtergrond heeft hij onder meer samengewerkt met psychiaters en artsen. Sinds kort geeft hij workshops aan slachtoffers van psychopaten. Storms: “De vedische traditie is in een aantal opzichten ‘de ouder’, het voorbeeld en de inspiratiebron voor de moderne wetenschap. Een wezenlijk verschil is dat de moderne wetenschap de subjectiviteit van de onderzoeker zoveel mogelijk wil uitsluiten, omdat het een onzekere, variabele factor is. De vedische wetenschap daarentegen erkent de onvermijdelijke invloed van het perspectief van de kenner op de verkregen kennis. En  benadrukt de noodzaak om het bewustzijn te ontwikkelen. De moderne wetenschap erkent het bestaan van de ziel niet. De ziel kun je immers niet ervaren in het gewone  waakbewustzijn, en op dat laatste is de moderne wetenschap gestoeld. Niemand is deskundig op het gebied van psychopathie, ik ook niet. Het is in feite onmogelijk om de kern van psychopathie te kennen: het is namelijk een gat in het bewustzijn. Een psychopaat is de verbinding met de ziel kwijt. Het is iemand zonder innerlijk kompas. Psychopaten vertrouwen niemand, en jij mag hen ook niet vertrouwen.” Storms benadrukt: “Psychopatie is een zeer specifieke stoornis waar men moeilijk grip op krijgt. Het is verbijsterend dat zoveel mensen eraan lijden en het tegelijkertijd zo onbekend is. Een diagnose is moeilijk, een remedie is er nog niet. Een psychopaat is als een zwart gat. Alle aandacht die je geeft, verdwijnt erin en er komt nooit iets terug.”

Overal in de samenleving

In zijn boek, dat na een paar maanden al toe is aan een tweede druk, worden psychopaten beschreven als mensen zonder geweten en empathie. Vanuit een gebrek aan verbondenheid is een psychopaat puur egoïstisch. Dit wordt echter in de meeste gevallen verborgen achter een zorgvuldig geconstrueerd masker. Het is dat sociaal aandoende voorkomen waardoor mensen in de omgeving van een psychopaat ten prooi kunnen vallen aan zijn of haar manipulerende gedrag. Ze kunnen mensen zodanig om de tuin leiden, dat ze zelf slachtoffer lijken en het slachtoffer neerzetten als dader. In zijn boek noemt Storms de slachtoffers ‘prooien’: gevoelige en sociale mensen die soms alles in hun leven kwijtraken door een psychopaat. De vedische leraar krijgt wekelijks brieven van ouders en grootouders waarin de problematiek zich rondom kinderen afspeelt. Bij een scheiding bijvoorbeeld wil een psychopaat koste wat het kost de controle krijgen over de kinderen. Hulpverleners en andere betrokkenen worden dan voor het karretje gespannen om dat voor elkaar te krijgen, zonder dat ze zich daarvan bewust zijn. Storms: “Bij een organisatie als de Kinderbescherming bijvoorbeeld wordt niet aan waarheidsvinding gedaan. Verklaringen worden niet nagetrokken. Dat is voor psychopaten een pretpark. Rechters leggen ouders soms op om samen in therapie te gaan, maar als één van de ouders aan psychopathie lijdt, kan dat een ramp worden door manipulatie en leugens.”

Hulpverleners worden niet alleen maar gebruikt voor de destructieve plannetjes van psychopaten, ze kunnen ook zelf prooi worden.
In andere gevallen kruipt de psychopaat zelf in de rol van hulpverlener, een positie die hem de toegang geeft tot kwetsbare mensen. Een hulpverlener vertelde Storms over een gezinsvoogd bij jeugdzorg, die er volgens hem een pervers genoegen in schepte om kinderen bij hun ouders weg te halen. Storms: “In één geval kreeg deze man de uithuisplaatsing van drie kinderen voor elkaar, tegen de dringende adviezen van meerdere psychologen in. Hij lag voor deze zaak in ruzie met vijf hulpverlenende instanties die deze maatregel helemaal niet zagen zitten. De moeder van de kinderen werd door hem geterroriseerd en gestalkt. Toen zij steun zocht bij het maatschappelijk werk, reageerde hij: ‘Als je derden inschakelt, dan loopt het helemaal verkeerd met je af’. Zijn positie heeft hem een aantal jaren in staat gesteld over tientallen gezinnen een schrikbewind te voeren. Als onderkend zou worden dat personen als die gezinsvoogd geestesziek zijn, dan zou heel veel mensen onnoemelijk leed bespaard blijven. Daarvoor is het nodig dat informatie over psychopathie gemeengoed wordt.”

Een ander model

Psychopathie wordt doorgaans vastgesteld via de zogenaamde Hare Psychopathy Checklist Revised (PCLR), samengesteld  door de Amerikaanse onderzoeker Robert Hare. Het is een model dat volgens Storms hard aan verbetering toe is. “Mijn mening is dat het model niet klopt. Volgens mij is het een stereotypering, die vooral van toepassing is op zware, mannelijke criminelen”, aldus de vedisch onderzoeker. “De meeste criteria in het model van Hare zijn niet wezenlijk voor psychopathie. Promiscuïteit, bijvoorbeeld, of eerdere detentie kunnen afwezig zijn bij mensen die aan psychopathie lijden en ze kunnen ook voorkomen bij mensen die deze stoornis niet hebben. Er gaan onder onderzoekers stemmen op om het psychopathieconstruct uit te breiden. Dit om ook de ‘succesvolle’, ‘niet-criminele’ en vrouwelijke psychopaten te diagnosticeren. Dat zou echter tot een woekering aan criteria leiden. Ik heb inmiddels een model geconstrueerd met kernkenmerken die noodzakelijk en toereikend zijn voor het vaststellen van psychopathie.”
Buiten de forensische psychiatrie is de kennis over psychopathie marginaal. In verreweg de meeste gevallen wordt de diagnose nooit gesteld. Tot nu toe was psychopathie niet opgenomen in het zogenaamde DSMIV, een officieel register van geestelijke stoornissen waarmee diagnoses worden gesteld. Momenteel wordt bekeken of het in de volgende versie wel kan worden opgenomen. Volgens prof. dr. Hjalmar van Marle, hoogleraar in de forensische psychiatrie, is de term psychopathie wel geaccepteerd. Hij doet momenteel onderzoek naar de stoornis. Hij noemt de PCLR van Hare betrouwbaar. Van Marle: “Er is kritiek op, maar het is een waardevol instrument. Wat de diagnostiek betreft heb ik er vertrouwen in dat we er grip op krijgen, maar de patiënten zijn wel moeilijk te behandelen.” Als westerse wetenschapper vindt hij dat psychopathie niets met de ziel te maken heeft. “De  ziel is niet te meten en heeft voor ons niet met wetenschap te maken, maar met godsdienst”, aldus de hoogleraar.

Tips voor hulpverleners

Wat kunnen hulpverleners doen om situaties, waar mogelijk een psychopaat bij is betrokken, te herkennen? Storms: “In de eerste plaats: weet dat het bestaat en dat het niet zomaar aan iemands gedrag te merken is. Het gaat om mensen die de indruk wekken ‘normaal’ te zijn, omdat ze een levenslange training hebben gehad in het ophouden van schijn. In korte, oppervlakkige contacten lijkt er niets aan de hand te zijn, of het zijn slechts details die de façade verraden. Zo abstract is psychopathie. Juist als iets je aan een bepaalde situatie ontglipt, zo van: er klopt hier iets niet, maar ik kan niet zeggen wat, dan moet er die klik zijn. Word je op de een of andere manier gemanipuleerd? Maak je alertheid dan tien keer zo groot. Een psychopaat kan in een paar seconden al zien waar de zwakke plekken van een hulpverlener zitten. Ze kunnen uitstekend manipuleren, dat gaat heel snel en je hebt het niet eens in de gaten. Je moet als hulpverlener dan ook van de automatische piloot af zien te komen. Is er iets niet in de haak en vermoed je psychopathie? Houd dan onmiddellijk op met geloven wat die persoon zegt. Trek zijn of haar verhalen na, check de feiten, bezie ze in een breder verband, en onderzoek of het allemaal wel klopt.”

Als psychopaten overal zitten, werken ze ook in de politiek en bekleden ze andere belangrijke functies. Hoe moet een samenleving dat aanpakken? Storms: “Er moet in eerste instantie een goede screening komen. Mensen met belangrijke functies, of mensen die met kwetsbare groepen werken, moeten erop getest kunnen worden. Vervolgens moet je de bevoegdheden van psychopaten inperken.”
Is de gezondheidszorg wel klaar voor de alternatieve visie op psychopathie van Storms? Hij antwoordt: “Een deel wel, een ander deel niet. Sommige therapeuten werken er reeds mee en bevelen ‘Destructieve relaties op de schop’ aan cliënten voor wie dat nuttig is aan. Anderen zijn huiverig, omdat ze het gegeven te brandbaar vinden. Sommigen wijzen het boek ongelezen af omdat ik een ‘outsider’ ben. Ik hoor ook van mensen uit het veld dat ze deze andere kijk verhelderend vinden. De focus ligt nu meer op gedrag dan op het bewustzijn, terwijl in dat laatste nu juist de kern van deze stoornis schuilt.”

Geschreven door Marianne van de Polder, gepubliceerd in Sociaal Totaal, september 2010. 


       Terug naar Alle artikelen Jeugdzorg Dark horse


Bezuinigen kan op....... justitiële kindermishandeling‏


Geachte volksvertegenwoordiger, ook van kinderen,

Kindermishandeling door gezinsvoogdij-handelen bestaat. Er kan dus BEZUINIGD worden op Bureaus Jeugdzorg, ook op gevolgschades door ondeskundig uithuisplaatsen.

Wanneer wetenschappers (onafhankelijk van de p.r.-praat van BJZ) tot de kernconclusie komen dat ‘BJZ niet de kennis matcht bij de case’, en er dus een deskundigere indicatie en zorg dient te geschieden, blijft de politiek doordenderen op het spoor dat strijdig is met het IVRK (kinderrechten).

Heeft u zich niet afgevraagd of de Wet op de jeugdzorg (en BW1:254 e.v.) wel geldig is wanneer de Grondwet artikel 94 stelt dat strijdige binnenlandse wetgeving tegenover internationaal recht geen toepassing behoort te gelden:

Grondwet 94: Binnen het Koninkrijk geldende wettelijke voorschriften vinden geen toepassing, indien deze toepassing niet verenigbaar is met een ieder verbindende bepalingen van verdragen en van besluiten van volkenrechtelijke organisaties.

Brenninkmeijer en Van Zanten (Nationale Ombudsman) schreven in het juristenblad FJR, 2011/76, dat er onder juristen/rechters angst bestaat dat de diagnostieke weg via de sociaal werkers bij BJZ en RvdK tot een ernstige belasting zou leiden voor het te onderzoeken kind; ook waar het zou kunnen gaan om zo iets ernstigs als (mogelijk) seksueel misbruik na beschuldigingen van een gefrustreerde scheidend ouder.

Omdat speculatieve indicaties van het sociaal werk-niveau van BJZ/RvdK ook kunnen leiden tot ernstig belastende, verkeerde trajecten die schadelijk zijn voor de ontwikkeling van het kind en diens toekomstige behoeftes (PAS = oudervervreemding[syndroom]; bijv. LJN BA7155), is ‘diagnostieke waarheidsvinding’ door middel van directe toegang tot de toegesneden specialist, die het kind deskundig en leuk kan opvangen, geboden. (dus niet via BJZ/RvdK).

Hoe minder “amateurs zonder beroepsethiek en tuchtrechtregels” in contact komen met zulk een kind, hoe beter voor dit kind.

De Wet op de jeugdzorg (en BW1) wordt tegenwoordig behoorlijk verzwakt voor een slappere ‘jeugdzorg’, waardoor deze meer en meer strijdig is met het IVRK. (Art. 4 t/m 24)
Onmiddellijke terugbrenging van het bemoeien van BJZ ligt in de lijn van behoorlijk bestuur.

Vele kinderen die nu uithuis zijn geplaatst, zijn dit op grond van speculaties (geen beroepsethiek, geen hoogwaardige beroepstuchtregels, geen beëdigde BJZ-werkers voor de rechter), en dit is schadelijk voor de ontwikkeling van het kind.
Het uithuisgeplaatst-zijn is een ernstige bedreiging voor het kind. Hier liggen bezuinigingsmogelijkheden!

Terugplaatsing* zonder vreemde langdurende eisen aan de gewone ouders zou veel besparen. Zo komen pleeggezinnen vrij voor de echt bedreigde kinderen, waar de ouders niet uithuis geplaatst kunnen worden. (Hoe snel kan een kind het huis uit gesleurd worden, en hoe onmogelijk wordt terugplaatsing gemaakt met smoesjes van BJZ?!!) .

Het kind heeft net zoals volwassenen recht op degelijke diagnose op niveau en -behandeling naar IVRK artikel 24. Niet speculatief op sociaal-werkers-niveau., dat tot schade leidt (72%).


Ik hoop dat u daarom snel de dure uithuisplaatsingen zònder diagnostiek stopt!

Dit is een bezuiniging waarop geen volksweerstand berust!

(De bezuinigingen gelden niet enkel onder de commissie jeugdzorg!)

T. S.



  
*:
Rond het ‘terugplaats-beleid’ van BJZ herkent raadsheer mr. P. A. J. Th. van Teeffelen van het Gerechts­hof te ’s Hertogen­bosch (juris­tenblad FJR, 10, 2010, p. 248) knelpunten. Hij somt 3 knelpunten op in de BJZ-inzet, die door de opbouw der stukken voor een rechtsgeleerde al een waar zoekplaatje oplevert, laat staan voor ouders:   
 
   “ Voor cliënten lijkt het in een aantal situaties dan ook een gevecht tegen windmolens in plaats van dat de hulp wordt verleend, waar het allemaal om begonnen is.
Het derde knelpunt heeft betrekking op de verantwoordingsplicht van Bureau Jeugdzorg. Het bureau heeft er jegens het hof nogal eens zichtbaar moeite mee zich te verantwoorden. Dat kan gemakkelijk leiden tot irritaties over en weer. Voor het hof is het de kunst om hoffelijk te blijven, ook al heb je soms grote problemen met de wijze waarop door het bureau in het verleden is gewerkt. Doordat er soms in een jaar weinig structureel aan een bepaalde zaak is gewerkt, ontstaat in het vraaggesprek nogal eens een pijnlijke situatie. Het bureau wil dan nogal eens een houding aannemen van: ‘wij weten het beter en u begrijpt niets van ons vak.’...
[Bij BJZ] is er weinig animo tot terugplaatsing. Uiteraard krijgen we als hof regelmatig die situatie ter beoordeling en een fatsoenlijk antwoord op onze vraag naar de inspanningen die worden gedaan om het kind terug te plaatsen bij de ouders krijgen we lang niet altijd. Ouders stellen de vraag wat zij moeten doen om de kinderen weer terug thuis te krijgen en krijgen daarop geen antwoord of worden min of meer met een kluitje in het riet gestuurd. … Onwillekeurig rijst dan de vraag nogal eens: ‘is het bureau er voor de cliënten of zijn de cliënten er voor het bureau?’  (Citaten)[1]  


Prof.dr. R.A.C. Hoksbergen schrijft in zijn boek ‘Kinderen die niet konden blijven’, 2011, ISBN 978-94-6153-025-7, vanaf pagina 404 ook over Valkuilen bij opvang en behandeling van hechtingsgestoorde kinderen door de jeugdzorg. De professor, die IBAP in 2000 reeds voorstelde!




                Terug naar Alle artikelen Jeugdzorg Dark horse
C http://jeugdzorg-darkhorse.blogspot.com/2012/04/alle-artikelen-jeugdzorg-dark-horse.html

dinsdag 27 maart 2012

Fax aan het AMK – leugens over de scholengeschiedenis


In de zedenzaak rond de Signisschool in Slotervaart, loopt de afwikkeling van het onrecht dat ons gezin is aangedaan, nog niet bepaald van een leien dakje.

De grote dwarsligger op dit punt van het traject (en ook op alle andere punten van het traject)  is het AMK, dat weigert zich te verantwoorden voor leugens in het AMK-rapport, het proberen tegen houden van de traumatherapie die wij hadden geregeld voor onze dochter (na misbruikt te zijn op de school) en het verzwijgen van contacten van het AMK met de gemeente en met de politie in het contactjournaal. (ronde tafelgesprekken waar ouders niet bij worden uitgenodigd)

Onderstaande fax ging op 10 maart 2012 naar het AMK kantoor, dat tot 19 maart de tijd had om er op te reageren. We zijn nu 8 dagen verder en het AMK zwijgt in alle talen... 


Een Jeugdzorg ‘sprookje’

Het Geitje en de Zeven Wolven.

Er was eens jongetje die met zijn moeder in een leuke wijk in de stad woonde. Op een regenachtige woensdagmiddag vroeg het jongetje zijn vriendje om te komen spelen. Moeder zei: ‘Ik ga even naar de stad om wat boodschappen te doen. Passen jullie goed op? Als er gebeld wordt: niemand binnen laten! Ik ben met een uurtje terug! Alleen open doen voor mij of de buurvrouw en voor niemand anders!’ zei moeder.’Ja, mam wij passen wel op, we zijn geen kleutertjes meer,’ zeiden de twee en gingen verder met hun spelletje. Moeder ging de deur uit maar had niet door dat vanuit de verte een ‘generalist van het CJZ’ kwam aanlopen.

Hij belde aan. In de kamer zaten de jongens te computeren. Zeker niet gehoord, dacht de generalist en belde nog een keer: ‘Jongens doe eens open, jullie moeder heeft gevraagd of ik jullie nog even iets door wilde geven.’ Het jongetje wou al opendoen maar zijn vriendje hield hem tegen, opende het klepje van de brievenbus en zei: ‘Wij mogen niemand binnenlaten! Zeg maar wat u te vertellen hebt!’ Dat is nou jammer dacht de generalist. Wat nu? Ik kom een andere keer wel terug!’

Snel pakte hij zijn mobieltje, en belde de schooldirecteur van het jongetje en vroeg hem te komen. ‘Je weet waar het over gaat?!’ ‘Jazeker, dat weet ik!’ De directeur aangekomen bij het huis, belde aan en riep door de brievenbus: ‘Jongen, doe eens open je moeder heeft een boodschap voor jou aan mij doorgegeven!’  De jongens waren gewaarschuwd en vroegen aan de directeur het briefje te laten zien. ‘Jeetje,’ dacht de directeur en wist dat als hij het briefje zou laten zien de jongens meteen zouden weten dat het briefje niet door moeder geschreven was. ‘Oh wacht, ik dacht dat het bij mij had. Ik moet even naar school om het te halen, ik ben zo terug!’

De directeur ging weer naar school. Daar was een dokter in gesprek met de juf van het jongetje. ‘Willen jullie even naar dit adres. Je weet waarover het gaat! Die moeder is niet thuis en hij wil niemand binnenlaten!’ ‘O, daar weet ik wel wat op!’zei de dokter. ‘En als het jou niet lukt, dan heb ik nog wel een ideetje!’zei de juf. De dokter belde aan en riep door de brievenbus: ‘Jongen,’ zei de dokter, heel verstandig van je moeder, dat je niemand binnen mag binnenlaten. Ze zal vergeten zijn te vertellen dat ik even naar de blauwe plekken op je rug kwam kijken. Ze maakte zich daar zorgen over. Ik wil even kijken of er niets beschadigd is!’ Nu begon het jongetje toch te twijfelen. Het was waar, met de judo was hij erg ongelukkig ten val gekomen. Hij had er behoorlijk last van. Hij stond op het punt om open te doen. Maar gelukkig hield zijn vriendje hem tegen.

Hij zei tegen de dokter: ‘Nee, het kan nu niet, zijn moeder is over een uurtje terug! Ga, eerst even naar een andere patiënt!’ ‘Het is me niet gelukt, probeer jij het maar!’zei de dokter tegen de juf. Even later belde de juf aan: ‘Hallo, ik had je moeder net aan de telefoon, want ik wilde even met haar over jou praten. Vond ze een goed plan. Ze vroeg of ik jou kon halen dan praten we gezellig in de stad bij Mac Donalds.’ ‘Joepie,’zei het jongetje, ik kom eraan. ‘Ga jij ook mee?’ vroeg jij zijn vriendje. ‘Nee, ik moet zo voetballen! Ik ga zo naar huis. Even dit spelletje afmaken.’ Het jongetje deed de deur open en zag de juf staan. Ze pakte het jongetje snel bij de hand, zette hem op de achterbank in de auto van de dokter en razendsnel reden ze weg. ‘We gaan helemaal niet naar mama!’ riep hij en wilde de deur opendoen, maar het kinderslot zat erop. Hij huilde en sloeg met zijn vuisten tegen het raam.

Een paar minuutjes later kwam moeder met een volle boodschappentas aanfietsen. ‘Hallo, hier ben ik weer,’riep ze opgewekt. In de kamer zat het vriendje achter de computer. ‘Hè?’ vroeg hij verbaasd. Hoe kan dat nou? Jullie zijn toch in de stad bij Mac Donalds?’ Hij vertelde wat er gebeurd was. Moeder werd heel ongerust. Ze liep naar het huis van de buurvrouw. Die werd ook ongerust. ‘We gaan direct actie ondernemen!’

Ze belden eerst de school. ‘Ach, mevrouw ik ben net in gesprek. U belt wat ongelegen, maar in het kader van het ‘Nieuwe Welzijn’ en binnen het model van het ‘Positief Opgroeien’, verbind ik u even door met onze BJZ partner.’ ‘Het zal me een zorg wezen, ik wil mijn kind terug,’ reageerde moeder fel. ‘Uw kind, is ook onze zorg!’ antwoordde de directeur. ‘Daar merk ik anders niets van.’ Hierna belde moeder de politie. Ook die verwees haar in hetzelfde kader door naar het BJZ en gaf haar de tip om ook te informeren bij het AMK. Het AMK: ‘Nee, wij mogen niets zeggen. Neemt u a.u.b. contact op met het BJZ. Zij zullen u vast verder helpen.’ Dus deed moeder dat tenslotte. Hun reactie: ‘O, mevrouw, we snappen uw verhaal! Helaas, degene die hier over gaat is vrijdag pas weer op kantoor. Ja, vervelend allemaal. Tuurlijk, we begrijpen dat u zich ongerust maakt. Maar, dat hoeft niet hoor! U kunt erop vertrouwen dat wij allemaal handelen vanuit het perspectief van ‘Positief Opvoeden’. Wij zijn momenteel bezig om een wederzijdse afstemming te realiseren tussen de verschillende opvoedingsmilieus waarin uw zoon verkeert. Wij zoeken momenteel een passende oplossing om zo goed als mogelijk een aansluiting en een verbinding te vinden met uw opvoedingsmilieu.’ ‘Brabbel maar lekker door mevrouw! Ik wil mijn zoon terug!’ zei de moeder. ‘Wij willen dat ook mevrouw, maar dat is momenteel aan de kinderrechter!’ En moeder leefde nog lang in afwachting en ongelukkig en las het gruwelijke sprookje van ‘onze’ staatssecretaris op de volgende site.



Y.B